Voel ‘t.

De striemende regen
slaat je in ’t gezicht.
De hele wereld zit achter je aan.
Je vóelt het.
De zon brandt fel in je ogen
Je ziet het allemaal niet meer…
Ik zou je nu kunnen omarmen.
Om je toch eindelijk
mijn liefde te laten voelen…
Maar jij ziet enkel maar
de schaduwen langer worden,
die paar oplichtende sterren
aan een duistere hemel.
En je merkt ineens
dat er niemand is
om jouw tranen te drogen.
Ik zou je kunnen omarmen,
wel een drie miljoen jaar lang…
zodat je mijn liefde zou voelen.
Ik weet echt heel goed dat jij
nog lang niet weet wat je wil.
Dat jij nog niet kunt kiezen.
Niet weet hoe het verder moet.
Niet weet wat je van je toekomst wil.
Maar ik zou jou nooit pijn kunnen doen.
Maar vanaf het moment dat ik jou zag
twijfelde ik geen seconde meer
aan de plek in mijn hart,
de plek waar jij hoort.
Ik zou er alles voor doen
om jou te laten voelen
dat ik echt van je hou.
Maar jij voelt nog steeds niets…
Stormen kunnen woeden
op een nog zo woeste zee.
Op de snelwegen van de spijt.
De veranderingen in jou en mij
donderen over elkaar heen.
Maar jij hebt nog steeds
mijn ware ik niet herkend.
Ik zou je gelukkig kunnen maken.
Ik zou je dromen uit doen komen.
Er is echt niets dat ik niet zou doen
Om jou mijn liefde te laten voelen.

(thanks A.)

Willetjes

Aangezien Poes met smart zit te wachten op een blogpost met “willetjes” in plaats van “moetjes”, ga ik daar nu maar eens even rustig voor zitten.

Wat wil ik.

Dingen die ik niet moet maar gewoon wil. Niet dat ik die dingen dan gelijk allemaal ook realiteit wil zien worden, maar ik wil ze gewoon graag. Een soort verlanglijstje. Als kind kreeg je ook nooit álles wat op je verlanglijstje stond, toch? En de dingen die je steeds opnieuw wéér niet kreeg, verloren met de tijd hun aantrekkelijkheid en kwam vanzelf de tijd dat je je realiseerde, dat je die dingen ineens helemaal niet meer wilde. Daar hoop ik ook nog steeds op…

Maar in het hier en nu wil ik heel veel en eigenlijk heel weinig.
En dan wil ik  vooral veel onmogelijke dingen…

Ik wil, ik wil, ik wil
een kikker in JOUW bil.
duhh…

wat is het moeilijk om nou gewoon eens te zeggen wat je wil…
Ik hou er ergens een gevoel van “meisjes die vragen worden overgeslagen” aan over.
Maar ik vraag niks. Ik moet alleen zeggen wat ik wil…

Ik wou zo graag dat ik kon zeggen wat ik wil
Ik wou zo graag dat ik kon zeggen dat ik jou wil…
Oh nee. Dit gaat fout.
Momentje.

Ik wou dat ik kon vliegen.
Heel snel. Dan vloog ik morgenavond gewoon even voor een BBQ naar Nederland…
Ik vloog in de armen van de mensen die ik zo lief heb.
Hé!
Dát kan ik!!

Ik wou dat ik een fotografisch geheugen had.
Dan stonden die paar uiterst schaarse maar zó mooie woorden van jou
in mijn geheugen gegrift. Met tijd en plaats en al.
Hé!
Daar staan ze!!

Ik wou dat ik mijn hart niet steeds aan de verkeerde verkocht.
Dan wist ik meteen wie een goeie deal voor mij was.
En ik gaf mijn hart gratis weg aan de juisten.
Hé!
Dat deed ik al lang!!

Ik wil dat ik niet zoveel alleenzaam ben…
Ik wil dat ik ervoor kan zorgen dat alles goed komt.
Ik wil sterker zijn. Met meer zelfbeheersing.
Ik wil minder emo-kipperig zijn.
Ik wil meer zelfzekerheid.

Ik wou dat ik een goeie zangeres was.
Ik wou dat ik geld kon verdienen met dat wat ik echt leuk vind.
Ik wou dat ik gewoon lak aan alles had.
Ik wou dat ik niet zo snel van mensen zou houden.
Ik wou dat ik jou uit mijn hoofd kon zetten.
Ik wou dat ik chips en chocola smerig vond.

Ik wou dat jij meer thuis was.
Ik wou dat jij van me zou houden.
Ik wou dat jij je vader niet zo hoefde te missen.
Ik wou dat jij ‘gewoon’ helemaal gezond was.
Ik wou dat jij mij ook miste.
Ik wou dat jij dat niet mee had hoeven maken.
Ik wou dat jij niet zoveel weg was.
Ik wou dat jij wat vaker met mij speelde.
Ik wou dat jij niet zo gepest werd.
Ik wou dat jij me niet zo vaak zo negeerde.
Ik wou dat jij van me hield…

Ik wil.
Ik wou.
Ik heb gewild.
Ik heb niks te willen.
Het is goed zoals het is…

Moetjes

moet…

de maandafsluiting voorbereiden, volgende week maken.
de garnalen en de vissen van een schoon aquarium voorzien.
rekeningen opstellen en versturen.
de accountant bellen.
de belastingprut regelen.
een presentatie maken.
mijn schilderij voor volgende week afmaken
de website rondom vernieuwen.
de frambozen in de tuin opknopen.
bérgen onkruid wieden.
mijn jurk voor een bruiloft repareren.
mijn tekst voor de bruiloft instuderen.
dochter’s jurk repareren.
een kadootje in elkaar flansen voor een verjaardagspartijtje.
de citroenmelisse bijwerken, die woekert over ’t paadje.
de badkamer schoonmaken.
de bovenverdieping uitmesten.
de bedden verschonen.
mijn werkdagen in München regelen.
minstens 18 mensen terugmailen (niet overdreven).
minstens 22 mensen bellen.
de brief voor de oudervereniging opstellen.
2 verschillende doktersafspraken maken.
afscheidskado’s voor de juffen regelen.
nog grotere bérgen was wassen en strijken.
foto’s van het afgelopen half jaar bewerken.
een blog voor Hotel Mama schrijven.
de kattenbak schoonmaken.
mijn FoodBox-map opstellen die ik vorig jaar (*kuch*) voor mijn verjaardag heb gekregen.
fotoCD’s branden voor de familie.
mijn fotoalbum 2011 maken.
de grote voorjaarsschoonmaak doen. Ik wacht wel tot ’t volgende voorjaar.
de gordijnen wassen.

oh wacht!!
met dat laatste ben ik al bezig.
yayyy!!

goed bezig, ikke.

genoeg gedaan voor vandaag 🙂

Mijmering

Ik sla mijn ogen neer. Een lichte zucht en ik mijmer over wat had gekund. Wat had kunnen zijn. Licht melancholisch, zoals zo vaak de laatste tijd. Waarom lopen de dingen zo opvallend vaak precies zo, zoals ik het nou net níet wilde? Waarom kan ik mensen niet aan mij doen denken…

Ik denk zo vaak aan sommigen. En aan anderen. En aan jou in het bijzonder. Waarom is dat omgekeerd niet automatisch ook zo? Zou toch alleen maar eerlijk geweest zijn. Ik aan jou, jij aan mij. Eerlijk oversteken. Ik ben duidelijk niet telepatisch begaafd. De katten doen niet eens wat ik wil, laat staan een andere persoon…

Ik weet niet eens waarom ik dat zou willen. Wat heb je eraan… Maar je wenst soms wat.
Be careful what you wish for, zeggen ze toch? Nou goed dan, dan ben ik voorzichtig. Ik wens niet meer. Ik hoop ook niet langer. Niks verwachten, dan is alles wat er wél komt mooi meegenomen. Aber die Hoffnung stirbt zuletzt. Ook dat zeggen ze…

Een dikke, woelige bal in mijn maag. Een bal die bestaat uit allemaal kluwes van verwarring. Soms krimpt hij een beetje en voel ik ‘m niet zo. En soms zet hij ineens uit en voelt het alsof ik uitelkaar barst. Hoort dit erbij? Is dit het nou? Waarom maak ik er voor mezelf zo’n zootje van? Waar is mijn eeuwige nuchterheid en rationaliteit gebleven? Ik zoek er wanhopig naar, ik wil het terug…

Mijn hoofd weet. Mijn verstand begrijpt. Maar mijn hart is dom. Mijn gevoel één grote chaos.

Melancholisch mijmer ik verder.

Over waarom ik het voel.
Over waarom jij niet.
Over waarom ik mis.
Over waarom jij niet.
Over waarom ik denk aan.
Over waarom jij niet.

Het is het klassieke dilemma,
van het hoofd en het hart.

En ik zoek naarstig verder naar de balans…

zoek maar niet

Zeg het me maar heel zachtjes.
Ik zíe het toch, in je blik…
Je hoofd gebogen van de zorgen.
Je ogen mat en vochtig.
Ach toe, huil nou niet, m’n lief?
Ik weet toch hoe je je voelt.
Echt, mij verging het net zo.
Iets in jou is nu aan het veranderen.
Maar je weet het zelf nog niet…

Fluister het maar in mijn oor
Geef me desnoods een subtiel teken?
Geef me dan tenminste een kus
Voordat je voorgoed van me wegloopt.
Neem het niet te zwaar op,
Zó erg is het misschien toch niet.
Ik zal voor altijd aan jou denken.
En aan die korte maar mooie tijden
Die wij samen hadden, schat…

En realiseer je alsjeblieft altijd
Dat ik nooit tegen je gelogen heb?
Weet hoe ik mij voelde van binnen…
Dat ik van je hield en dat nog steeds doe.
Je moet nu eerst je eigen weg zoeken.
Het komt echt wel goed, lieverd.
Verdrijf mijn verdriet en je zult zien
Morgen voel jij je alweer beter.
Jouw wereld draait wel door.
De ochtendzon zal weer opgaan
En je verwarmen,
ook buiten mijn armen…

 

(enige herkenning?)

een hoofd

Ik heb getwijfeld. Klik ik op die play-button? En waarom dan? Ik heb het gezien. Ik heb het nog uitgekeken ook. En nu wou ik dat ik het niet gezien had.

De zelfmoord bij Driehuis.
Een man, althans een deel daarvan – de romp en de benen – ligt in een soort foetushouding naast de rails.
Joelende jeugd.
“Moet je kijken, daar ligt ’t hoofd!”
Zoom-in op een rode bal met wat zwart klevend haar.
“Dat is dus een echt hoofd, hè!!”
De camera zwenkt naar een bloederige vinger die op het perron ligt.

Misselijkheid, maagdraaien. Ik weet niet eens meer of  het precies zo was in het filmpje, maar ik ga het niet terug kijken. Ammenooitniet. Bij benadering klopt bovenstaande wel ongeveer en dat is voldoende.

Ik denk er aan. Steeds weer. Die man. Wat heeft hem bezield, dit te doen…
Hoe moet het voor de familie en vrienden zijn om deze beelden van hun naaste zo op het internet te zien…
Hoe is het mogelijk dat mensen, hoe jeugdig ook, dit zo uitgebreid filmen, er zelfs naast staan te joelen en de beelden vervolgens ad hoc rond de wereld sturen.
En hoe is het mogelijk dat ik het nog aanklik ook…
Is dit nu de afgestomptheid van onze samenleving?
Is dit de verharding die er voor zorgt, dat men niet meer aanvoelt wat nog ethisch verantwoord is en wat niet meer?
Is dit de onverschilligheid die ons zulke dingen aan doet zien zonder werkelijk gevoel?
Ik kan er niet over uit…

Een hoofd.
Ligt daar. Enkel een hoofd. Op de rails.
Onherkenbaar, maar duidelijk een hoofd.
Een hoofd dat ik niet meer uit mijn hoofd krijg.
Een vinger waar ik mijn vinger niet op kan leggen.
Een torso waar niet meer aan te torsen valt.
Een beeld dat niet langer om beeldvorming vraagt.
Slechts.
Een hoofd.

alleenzaam

Soms voel ik me zo alleen…
Soms.
Zoals nu.

Ik bén niet eens alleen. Man is er weliswaar daadwerkelijk niet maar de kinderen liggen boven in hun nesten te ronken, er donderen hier twee minitijgers met vol geweld door het huis (echt, katten kúnnen vliegen, ik heb het net gezien) en ik klets met de halve wereld op m’n laptop en op mijn foon.

Maar toch voel ik me alleen. Alleen als in eenzaam. Raar gevoel is dat. Ik ben namelijk graag alleen. Ik hou van de rust van het met mijzelf zijn. Nadenken over dingen die gebeurd zijn. Die dag of een jaar geleden, maakt niet uit. Ik hou van het overpeinzen met wat muziek op de achtergrond. Ik hou van het schrijven in stilte. Ik ben graag bij mijzelf.

En toch voel ik me alleen.
Niet langer meer bij mij.
Niet meer in jouw hoofd.
En jij al bijna niet meer in het mijne.
Niet meer, nooit meer relevant.
Mijn hart wil er niet aan geloven.
Mijn hoofd weet het toch beter.
En weet de eenzaamheid te duiden.
Want.
In de massa’s van de liefde
maakt de uitzondering daarop
je alleen…

*stilletjes in bed kruipt…*