oudjaar

…en toen was het verdorie alwéér oudjaar. oudjaar
Hebben we het dan toch nog voor elkaar!
De carbidbussen knallen met geweld om ons heen.
Je voelt de donder dreunen tot in je grote teen.
Een licht oorlogsgevoel valt niet te ontkennen.
Elk jaar steeds opnieuw weer even wennen.
‘t-is dat ik niet eens weet hoe oorlog voelt
het leven heeft ’t best goed met mij bedoeld.
Zelfs een meldpunt vuurwerk dat er voor waakt
Dat u het gooien van uw bommetjes tijdig staakt.
Boemmmmm daar gaat weer een melkflesdop.
Tijd dat ik de schuilkelder maar weer ‘ns uitsop.
Eerst nog even een extra voorraad oliebollen bakken
voordat we met z’n allen diep in de champagne zakken.
Bommen voor de lol. Maar daar schieten ze echt…
en geen mens die met oudjaar daar wat van zegt.
Wat kunnen we er hier aan doen dus laat ze maar.
Ach kindertjes in Syrië, ook gelukkig nieuwjaar…

Ongelooflijk

Gisterochtend dacht ik nog: “ja ja, dit wordt vast wel weer wat vandaag.” De auto volgestouwd, de DVD-speler geïnstalleerd, de tas met vreetspul voorin tussen de benen. Ignition. Hoera, hij start! Helaas de achterruitenwisser ook, hoewel die niet eens aan stond. Da’s raar. Het ding bleef maar wieberen dus in no-time had de ruitenwisser een nieuwe rustplek op de werkbank gevonden. Eraf gesloopt en hoppaaa, gáán met ons ouwe huppeltrutje.

Navigatie nog even in de sigarettenaansteker en weg. Verhip, de asbak (waar dat aanstekerstopcontact in zit) wil niet meer open. Met geen stok. Dan maar met een schroevendraaier. Asbak open gebikt, naveltje’s stekker erin gepropt. Ook klaar. Zitten we allemaal? Doet alles het? 3 – 2 – 1 – Lift off.

Op de autobaan nog even geluisterd naar een ietwat raar, schrapend motorgeluid maar aangezien Auwdi verder goed reed, hebben we daar maar geen aandacht meer aan besteed. Ik verwachtte na al deze startperikelen natuurlijk wél weer een hoogstinteressante, blogwaardige reis.

Misverwacht.

Geen files.
Geen haperende auto.
Geen kotsend kind 1.
Geen hagelsneeuwslagregen.
Geen defecte DVD-speler.
Geen 293 Baustellen (maximaal een stuk of 5).
Geen omwegen.
Geen rareroutekiezend naveltje.
Geen vertraging.
Geen kotsend kind 2.
Geen ruzie.
Niks!

Ongelooflijk…

another year’s over…

Dit is natuurlijk dé uitgesproken tijd om een blog over het afgelopen jaar te schrijven2013. En vooral ook de tijd om al die goede voornemens opnieuw op te sommen. Maar waarom zou ik me aan het begin van een nieuw jaar wéér storten op datgene, wat me het afgelopen jaar ook al niet gelukt is? En waarom nou juist weer beginnen aan het begin van een nieuw jaar? Ja okee, uiterlijk de tweede januari is de hele vreterij weer achter de rug, die feestkilo’s moeten er sowieso weer vanaf. Da’s geen goed voornemen, da’s gewoon noodzaak. Net als die overige twintig kilo trouwens, maar daar heb ik nou al zo vaak over gezeurd dat ik daar ook geen fatsoenlijk voornemen meer van kan maken. ’t Mot gewoon, ’t kennie anders.

Ik zou me ook kunnen voornemen om vanaf die eerste januari fijn helemaal ’t lak te hebben aan wat anderen denken of vinden. Om heel hard te roepen “zak allemaal maar in de kippeshit, ik doe wat ik doe, ik ben wie ik ben en het maakt me geen bal uit wat jullie ervan zeggen.” Maar zo werk ik niet. Ik blijf onzeker, met die rare maagdraaigevoelens als ik zenuwachtig ben. Simpelweg het vast van plan zijn om me door niemand meer naar beneden te laten halen helpt dus ook niet.

Daarom begin ik ’t nieuwe jaar ter afwisseling maar zonder voorneemgedoe. Ik ga dit keer gewoon rustig kijken wat me gaat lukken en wat niet. En dat wat niet lukt, komt dan eventueel later wel. Of niet. Ook goed. Jammer dan. Ik wil z óveel dat dat waarschijnlijk toch niet in één jaar te doen valt. Een tienjarenplan is realistischer.

Ik zou kunnen opnoemen wat ik eventueel ánders wil gaan doen in ’t nieuwe jaar. Ik zou bijvoorbeeld meer en gedrevener achter m’n dromen aan kunnen gaan zitten. Meer en vooral beter zingen, schrijven, schilderen en een nieuwe business opzetten. Maar dat is eigenlijk een kwestie van een flinke autobioactieve trap onder mijn brede achterste. Gewoon dóen. Niet meer bang zijn voor een mogelijke afgang. Who cares of je op je snufferd gaat, opstaan moet je toch zelf doen en dat kon je immers als peuter al. Ik zou ook niet meer iedereen zoveel mogelijk willen pleasen maar eerst voor mezelf kunnen kiezen. Maar van anderen pleasen word ik nu eenmaal happy en happy zijn is toch het uiteindelijke doel? Dus dat wordt ‘m ook niet…

En nu zit ik hier. Ik pulk wat aan m’n vingers en nagels, sla mijn ogen neer en zucht een keer. Ik luister naar Christina Perri en haar duizend jaren. Die heb ik niet dus ik moet ergens toch opschieten met alles wat ik nog wil. Als veertigplusser ga je toch steeds meer door ’t leven met dat achterhoofdgevoel van “ik wil nog zó veel maar ik ben al op de helft van mijn leven dus ik moet nu ‘ns een keer opschieten…”

Oh.
Ik weet nu wat ik ga veranderen.
Dát gevoel.
“Ik wil nog zó veel en ik heb nog de minstens de helft van mijn leven vóór me!”
Hatsjikidee!
Wat of wie let mij.
Let’s go.

Een kerstgedachte

Inmiddels is ook die tweede kerstdag alweer bijna voorbij. Het grote gebeuren is achter de rug en ik mijmer wat over wat nou echt belangrijk is met de kerst. Wat is kerst überhaupt… Rare naam ook. Kerst. Kerrrsst. Kers, kerser, kerst. Zoiets…

Kerst komt natuurlijk van Christus en het woord Kerstmis werd oorspronkelijk alleen maar gebruikt als betiteling voor de mis die ter ere van de geboorte van Christus werd opgedragen: de kerst-mis dus. In de Middeleeuwen waren dat op de avond van de geboorte dus speciale nachtmissen. In het oud-Engels sprak men over Christes maesse, oftewel de mis van Christus, Christmas…

Ik persoonlijk vier niet de geboorte van Christus. Het zal me volledig om ’t even wezen of die man ooit geboren is of niet. Voor mij is dat betekenisloos. Wat mij betreft kunnen we kerstmis dus ook gewoon herbenoemen in bijvoorbeeld het Lichtfeest o.i.d. (in navolging van het Suikerfeest, gheheh). Want dát vier ik, als heidense heks: het midwinterfeest. Ik vier dat de dagen weer langer worden, er weer meer licht en warmte komt. kerstgedachte1Voor mij is ‘kerst’ iets wat ik vier met mijn liefsten, de mensen die me dierbaar zijn. Het feit dát ik dierbaren heb. De warmte van de liefde en het licht. Mijn gezin, mijn ouders, schoonmama, zus/schoonzussen met familie, lieve vrienden, gewoon alle mensen die ik lief heb en waarvan ik weet dat ze mij lief hebben. Dat is wat ik vier want zo vanzelfsprekend is dat niet, helaas. Teveel eenzame mensen, teveel ellende en verdriet…

Maar terug naar de materie. De kerstgedachte. En al die kadobergen die daar mee gepaard moeten gaan. Ik kan er niet aan wennen… Op kerstavond (de 24e dus) hadden we de eerste ronde. De thuiswedstrijd. Op zich een uiterst aangename, relaxte dag, gewandeld in de zompige resten van gesmolten sneeuw, lol met de buren, heerlijk gegourmet met de kinderen en, natuurlijk, pakjes onder de boom met échte kerstboomkaarsjes (en een brandblusser in de aanslag). De kinderen waren tevreden met hun kadootjes (hoewel dochter gelijk even voor de zekerheid vroeg: “maar morgen komt de rest hè??” – pffff… welke rest?), speelden er gelijk op los, gingen vergenoegd naar bed en wij keken nog een film onder het genot van een wijntje en veel kaarslicht. Op naar 1e kerstdag.

Vroeg ontbijten want het middageten bij schoonma is nooit ‘licht’ en altijd tussen twaalf en één. Nog even de laatste spullen in de auto proppen en op naar ’t noorden, alwaar de Schnitzels al in de olie lagen te  pruttelen, de frkerstgedachte4iteuses voor de frieten al op standby stonden en de bonensalade al voorgeproefd was. Tegen de middag was iedereen present en werd er – hoe opzienbarend – gegeten. Vrijwel vlekkeloos aansluitend kwam de koffie met notentaart en kerstkoekjes, waarna ook meteen de champagne (met nog meer kerstkoekjes) opgediend werd. Nu barst ik zonder eten al redelijk uit mijn voegen maar na deze gang stond ik echt op knappen. Afslaan is geen optie.kerstgedachte3

Een korte wandeling met als doel: de kerk. Verplicht nummer want daar is een kerststalletje dat aanbeden moet worden. Ik ben maar bij de deur blijven staan en bij de eerste gelegenheid weer naar buiten geslopen, in de frisse lucht wachtende tot het kerkbezoek klaar was. Ik heb simpelweg een grondige hekel aan kerken. Thuisgekomen werden op slinkse wijze snel de bérgen kado’s onder de met wederom echte kaarsjes uitgedoste boom gedeponeerd en moest er weer gegeten worden: dit keer braadworstjes met brood en zuurkool. Ik heb de braadworsten afgeslagen, ik kon echt niet meer (en ik hou niet van varkensvlees).

Daarna bleek het kerstkindje daadwerkelijk nog een keer langs gevlogen te zijn: de kerstboomkaarsjes brandden en de kadoberg eronder was van het kaliber K9. Ongelooflijk, zó veel. Maar de gretig uitgestrekte kindervingertjes moesten nog even weer ingetrokken worden: eerst klarinetmuziek (was mooi!), bijbellezen (niet mijn ding), blokfluitspel (okerstgedachte2ok mooi!) en gezang (geen evaluatie mogelijk). Helaas zijn zoon en dochter minder begaafd op al die muzikale gebieden (en een drumstel is ook moeilijk onder de arm mee te nemen) dus hun aandeel in het ‘voorspel’ bleef, zoals ook in voorgaande jaren, nihil. Eindelijk kon het gegraai en geruk in de kado-alpen beginnen. In minder dan 15 minuten was alles uitgepakt en opgestapeld, waren de massa’s papier en paklint overal verstrooid en de kinderen vlijtig aan ’t vergelijken wie er het meeste moois gekregen had. En natuurlijk had ik, zoals elk jaar, zelf weer het gevoel lichtelijk gefaald te hebben in de eeuwige wedstrijd ‘beste-en-duurste-kado’s-voor-‘t-kroost-kopen’, hoezeer ik – naar mijn eigen inschatting – ook mijn best gedaan heb.

Het staat me zo tegen… ik weet niet eens waar ik al dat nieuwe speelgoed van de kinderen moet laten. Waarom zoveel… waarom schijnen deze hoeveelheden bij kerst te horen… één leuk kado doet ’t ‘em toch eigenlijk ook? Maar er lijkt geen weg terug. Enkel nog de road to more-bigger-better. Ergens word ik er toch een beetje mismoedig van. Voor mijn gevoel is die geboortedag van dat kindeke één grote commerciële happening. Is Sinterklaas natuurlijk ook hoor, maar die man ging nu eenmaal over dat soort dingen. Dit moet dan een christelijk en bezonnen gebeuren zijn, maar onder het mom van wat gezang en de één of andere bijbeltekst gaat het toch éigenlijk enkel nog om de kado’s. En het vele eten. Dat ook. Hoe hypocriet.

Op dit moment (ja inderdaad, naar aanleiding van die verbijsterende kerstkreten van die roomse man met ’t hoedje) ben ik zelfs druk bezig om mezelf helemaal uit die rooms-katholieke kerk te krijgen want enkel uitschrijven doet de truc niet: je blijft dan nog steeds als lid te boek staan in Rome én je blijft geregistreerd in het doopregister want de doop schept volgens de kerk een onuitwisbare band tussen het kind en de god in kwestie. Maar wat nou als dat kind die band helemaal niet wíl? Dan maar op de priesterse wijze, een ‘gedwongen’ band? Dank je de koekoek… Maar wat een gedoe is dat, dat ‘ontdopen’. Vier tot vijf brieven waarvan één zelfs aan het bisdom (welk bisdom??) of direct naar Rome (“Ongeachte meneer de Paus, bij deze bladiebla…”). Het lijkt wel een sekte, je komt er met goed fatsoen nooit meer uit… Maar met de onbegrijpelijke uitlatingen van zo’n duidelijk idiote paus die denkt te weten (of zelfs te kunnen bepalen) wat de essentie van het menselijke wezen is, wil ik echt niet meer tot deze middeleeuwse club gerekend worden, zelfs niet op papier. Tot voorheen deed ’t me weinig. Nu ben ik het zat. Doorstrepen die boel. Wat voor een kerstgedachte is dat zeg…

Nee, geef mij dan maar de heidense kerstvariant. Veel warmte en licht in de vorm van kaarsjes en licht, veel leven(svreugde) in de vorm van een mooie boom, veel (naasten)liefde om je heen en bewust genieten van de dingen die je gegeven worden of op je pad komen. Eventueel een klein kadootje als blijk van die genegenheid, ook prima. Een krachtige, intense gedachte aan de mensen die het bij lange na niet zo goed hebben als ik, aan mensen die in de ellende zitten, ziek zijn of veel verdriet hebben en even uit alle macht hopen dat het ook hen binnen afzienbare tijd weer beter gaat. Niet dat dat ook maar ene bal helpt, maar er bij stilstaan is wel het minste wat je kunt doen in tijden als deze. Dat hoort er voor mij ook bij. Donaties aan enkele uitgekozen goede doelen in de hoop in het algemeen ook nog ergens wat goeds te kunnen doen. Familie en vrienden opzoeken (ook al is dat voor mij dit keer dan een paar dagen na de kerst). Dát is voor mij kerst. Licht, warmte, liefde, hoop en acceptatie. Midwinter en zonnewende. Het liefst zonder die Mount Everest in kadopapier en zonder al die religieuze hypocrisie. Maar dat zal wel een eeuwig utopische kerstgedachte blijven…

Let there be light.
Love conquers all.

Retro

Eigenlijk vond ik de beschrijving maar niks.Ralph1
“Videogame-bozerik Wreck-It-Ralph zou zo graag geliefd zijn net als zijn eeuwige  counterpart Fix-It-Felix. Het probleem: Niemand vindt de „bad guy“aardig maar iedereen houdt van de helden…”
Ik dacht gelijk aan zo’n film met het eeuwige superheld-in-videogamesetting-gezeik. Maar toen ik de kritieken las, dacht Retro2ik: “ach why not, de kinderen vinden ’t vast leuk”, en dat klopte. En wat nog opzienbarender was: Man en ik vonden het zeker zo leuk. Omdat we er zoveel in herkenden…

Die goeie ouwe tijd, hhmm?
We mochten even op de retro-tour. Ralph’s videogame vierde zijn dertigjarig bestaan. En daarmee waren ze dus tot retro bestempeld. Ralph als pixelzwakke, menselijke King Kong die elke keer opnieuw het gebouw en zijn bewoners molesteert maar eigenlijk zo graag geliefd wil zijn, FIFelix een soort irritante Super Mario met een allesreparerend gouden hamertje.

Dertig jaar terug.
Jaren ’80. Dat waren wij.
Jong en onschuldig.
Bereid voor de deep dark space of video entertainment.
En nu zijn wij dus retro.
Desnoods in vijftig tinten grijs.
Oh my...

The gamers say we’re “Retro” which I think means “Old but cool

Old but cool. Uhuhh… Ik onthoud dan natuurlijk vooral dat ‘old’.ralph2
PacMan (m’n allereerste videospelletje, hoe klassiek wil je het hebben), Sonic, Q*bert, Donkey Kong, Mario Bros (made it to new school), Mega Man (okay toegegeven, da’s al Next Generation) en ga zo maar door.
Ralph-BlockOutDie heerlijke DOS-games als Tetris, Block-Out en Prince of Persia (ook doorgebroken naar de 21e eeuw) even daargelaten.

Maar ik dwaal af. Waar het me om ging was dat retro… ik… retro… als ik aan retro denk, denk ik aan flower power, jaren 60-70. Toen ik nog niet bestond. Of tenminste nog maar in mini-vorm. Niet aan mijn jeugd. Maar nu is die jeugd blijkbaar ook al in de term ‘retro’ opgegaan. Ik mag dan cool zijn maar dat doet niks af aan het ‘old’…Retro3

Ik moet toch even bijkomen. Mensen op mijn leeftijd trekken het besef van het nieuw verworven retro-schap niet meer zo goed blijkbaar. Retro. Ik ga me even bezinnen in mijn plastic kuipstoeltje, me blind staren op mijn geliefde hypnocirkels op het behang, even een vet potje Toppop kijken (op YouTube dan maar…) en wat bladeren in mijn ouwe  BRAVO’s op zoek Falco en Dr. Sommer…

Be right back.

 

Happy world

Happyworld1Een hoofdmassage én vlechtjes-met-ingeharkte-luizenkam krijgen van je dochter.

Je verheugen op het aansteken van de échte kaarsjes in je kerstboom en op het feest van licht&liefde.

Samen met je kinderen een lachstuip krijgen van een feelgood-filmpje op youtube.

Je neus in een glas volle rode wijn dompelen en met het puntje het vhappyworld4loeistofoppervlak raken.

Opgaan in een gezamenlijke kerstdrumsessie, ook al kun je er dan geen hout van.

Koffie drinken en het laatste lokale nieuws bekletsen met twee lieve buurvrouwen tegelijk.

Zonder muts buiten staan, je ogen sluiten en voelen hoe sneeuwvlokjes tussen je haren en op je huid smelten.

Met z’n allen kaplakunstwerken bouwen en dan met stuiterballen omver schieten.

Dochter die met de hoofdmassagespin op haar hoofd brult: “woohooo ik ben een Alien en ik ga je meeeeeenemen!!!”

Een megagrote bak lychees leeg eten tot je ellebogen er letterlijk van lekken.

Een dankbaarheidskusje van je kat op je neus krihappyworld2jgen voor dat extra lekkere stukje spek.

Met je supermarktspaarpunten die knuffel-ui krijgen waarvan je zomaar ineens wist, dat je daar nou altijd al naar gezocht hebt.

De schilderijen-in-opdracht bíjna klaar hebben maar nét die laatste climax steeds weer uit kunnen stellen.

Noghappyworld3 maar drie zakjes die aan het adventskalenderlint bungelen. Samen met een geknutselde eekhoorn.

Lachen om de Maya-prijzen in een reclamespot op TV. Zo laag dat ze bijna ten onder gaan.

De lichtjes in je kerstboom zien en beseffen hoe goed je het hebt.
En hoezeer niks te klagen…

.

Happy world binnen een straal van 30 meter.
Oh.
Binnen een straal van één meter valt de wereld in duigen.
Dochter piest zoon over de voeten.

Happyworld5

mochten we ondergaan…

dat klinkt eigenlijk alsof…ondergang
we eventueel ook níet onder zouden kunnen gaan.
En dat klopt niet.
Dat is niet zo.
We gáán onder.
Of ten onder, hoe je het wilt.
Over zo’n 7 miljard jaar worden we opgeslokt.
Door onze steeds verder uitdijende zon.
Een rode reus.
Oh wacht, dan gaan we toch niet onder.
We gaan op.
In en samen met onze zon.
Einde verhaal.

Ik ga onder.
De dekens.