come back to me

Langzaam verdwijnt het.
Het doffe, neergeslagen gevoel.
De watten tussen mijn hersencellen.
De snerpende pijn bij mijn slapen.
De zweepslag in mijn nekspieren.
De rotte vergeetachtigheid.

Langzaam komt ’t terug.
Die lichte scherpte en humor.
Het langer kunnen kijken naar.
Het broodnodige denkvermogen.
Het actieve herinneren van.
Het betere reactievermogen.

Please come back to me…
I never meant to hurt you…
Don’t leave me forever
I am so lost without you.
Take your time out,
Take whatever you need.
Go back to black for now,
But in the end you will
Come back to me.

Dearest brain…

Kopgeklop

Op m’n kop geklopt Hersenschudding
Alles sloom en dof
Mijn harses verstopt
Het voelt alsof…

…ik ineens ander ben
Knal op ’t achterhoofd
Mezelf niet meer ken
In één klap verdoofd.

Brein botste met schedel
En schedel met brein
No more gewedel
Uit met de gein.

Niet meer denken
En niks meer doen
Sta wat te zwenken
Een zinkend galjoen.

Komt dit weer goed?
Hoofd een isoleercel…
En pijn dat-ie doet
Ach ik zie ’t wel.

of ook niet…

Je wordt ouder, mama

Nou echt dus. Gedwongen niksdoen geeft interessante inzichten. Na koffietijd op TV (eigenlijk best te pruimen dat programma… Is dat een teken?) ben ik Goede Tijden Slechte Tijden na de eerste aanblik van Laura ontvlucht. Een lange toiletsessie kan in zulke momenten heel heilzaam zijn. Op TellSell zag ik het corrigerend en middels nanokeramische partikels cellulitisvretende ondergoed van Fir Slim en heb ’t gelijkgenoteerd: dat krijg ik op eBay vast nog wel goedkoper.

Maar toen. Viel mijn trillend oog op the Bold and the Beautiful. Jeugdsentiment. Nou ja, eigenlijk studentensentiment. Dat keek ik namelijk altijd als ik ‘s-ochtends na zwaar studentenstappen uit mijn bed rolde. Van de eerste verbazing dat die serie twintig jaar later nog steeds liep, viel ik direct in de tweede: ze waren nu inderdaad Bold geworden. Want van Beautiful was geen sprake meer en tóch stonden ze nog dapper voor de camera te paraderen. Brooke ging eigenlijk nog. Wat geijkte bovenliprimpeltjes die bij de laatste facelift niet naar behoren strakgetrokken waren. Maar dan Ridge. Oh my. Michael Jackson de tweede met vijftig tinten grauw. Neus volledig naar de kloten geopereerd, twee grote grand canyons op ooghoogte en kaken waarmee je een envelop open kon snijden. How ugly can you get. En dat was ooit toch echt een mooie man… Stephany was destijds al in oma-style maar nu was ’t werkelijk verbazingwekkend dat ze nog fatsoenlijk kon praten. Vlaswitte kortgeknipte fluimhaartjes en priemoogjes, opgesierd met zijwaarts neergetrokken botoxlippen. De rest van de crew die nog wel beautiful was, kende ik niet. Hoe ook, die verkeerden twintig jaar geleden nog in eicelvorm.

Toen kwamen de kinderen naar binnen gestuiterd en het eerste wat dochter zei toen ze een blik op de TV wierp was: “ieuwww!! Das ist ja deutlich keine Kindersendung!! Darf ich bitte umschalten?”

Ja graag lieverd. Ik kan t niet meer aanzien. Het overduidelijke bewijs dat ik met deze jeugdikonen óók 20 jaar ouder geworden ben. En dat helemaal zonder schoonheidschirurgie. Zet UIT, please…

Lijden – de tweede

sandl1      Het eerste lijden van gisteren was toch nog op een schappelijke tijd voorbij dus hebben we uiteindelijk toch de boel in de auto gegooid en zijn gaan skiën. Op naar Sandl, een durp op ongeveer veertig minuten rijden hier vandaan. Hele lichtblauwe pistes waar de kinderen zich prima vermaken. Voor ons is het een beetje saai maar ach, in Schuß naar beneden is ook best leuk. Mooi uitzicht ondanks het feit dat de zon er werkelijk geen zin in had. De kinderen gingen als kanonnen, prachtig om te zien.sandl3sandl2

Het eerste uurtje ging alles prima. Tot ik met toch wel enige vaart over een heuvel/richel skiede om vervolgens op het daaronder gelegen hobbeltje te landen. Dát ding had ik dus even niet verwacht, vloog achterover en landde op mijn achterhoofd met mijn linkerbeen achter me. Ouch. Ik stond vrijwel gelijk op en ging ook meteen maar weer zitten. Allemaal sterretjes… Mijn helm (thankgod voor dat ding want anders was ik sandl5nu waarschijnlijk gelukkige bezitster van een schedelbasisfractuur geweest) was met de klap zo naar voren geschoten dat-ie mijn skibril in mijn neus had vereeuwigd. Ouch twee. De sterretjes bleven. Ik stond nog een keer op, verzamelde mijn ski’s en zwaaide naar man bij de skilift dat-ie maar met de kinderen omhoog moest gaan omdat ik toch echt even moest gaan zitten. Ski’s aan. Knie zakte naar binnen door. Ouch drie. Ik gleed naar de skihut onderaan de piste en plofte op ’t bankje neer. Daar heb ik een half uur gezeten maar de sterretjes gingen niet weg en ik kreeg er nog een portie barstende hoofdpijn en een portie misselijkheid bij geserveerd.

sandl7Man kwam eraan om te kijken wat er nou was en ik beschreef hem de sterreflikkers  in mijn hoofd en wat er gebeurd was. “Oh, da’s een hersenschudding… blijf maar effe zitten, ik ski nog wat met de kinderen en dan gaan we naar huis”. Okidoki dan maar…

Afijn. Op de terugweg nog even bij schoonmoe langs, kinderen en man hebben daar gegeten, ik op de bank gelegen. Toch maar snel door naar huis. In bed gekropen. Wat een pijn. M’n hoofd, m’n neus, m’n knie, ik kon ’t wel uitgillen, werkelijk waar. En die deuk in mijn ego deed inderdaad ook best zeer. Hoe kun je nu zó stom vallen op een glijheuveltje dat nauwelijks een blauwe piste mag heten. Schicksal of stomheid? Ik gok op een combinatie. Maar lullig blijft het.

Nu zit (lig) ik hier met een hersenschudding (ik neem aan dat ’t een hele lichte is, gezien het feit dat ik nog kan typen en rechtop kan zitten, maar de misselijkheid, de pijn en het gevoel alsof er iemand me aan mijn achterhoofdharen omhoog trekt en de gordel om mijn hoofd steeds een stukje verder aansnoert, blijven), een kapotte linkerknie (ik denk een verrekte of ingescheurde binnenknieband en/of beschadigde meniscus) en een gekneusde neus (ach, nomen est omen). De nacht was hels, nu gaat ’t wel weer. Maar ik ga toch maar weer een advilletje erin gooien en nog een rondje slapen ofzo…

Skiën is best leuk en gezond hoor, echt.
Alleen moet je niet stom vallen.
Laat ik dáár nou juist heel erg goed in zijn…

.

sandl6

sandl4

Lijden

Pap en mam zijn weer weg. Snik. Ik zit met een kop koffie een beetje voor me uit te staren. Ik heb de skispullen voor zover ik kan ingepakt want we wilden vanmiddag gaan skien. Een paar uurtjes en dan nog even koffie drinken bij schoonmoe. Maar man zit samen met zoon tegenover me aan tafel en probeert hem voor de derde keer een navertelling voor Duits leesbaar op te laten schrijven. Zoon heeft tranen in de ogen, is de wanhoop nabij. Man ook. En ik kijk toe en lijd mee. Het is pedagogisch niet bepaald optimaal maar ik kan nu ook niet ingrijpen. Hij leert wel heel veel zo en dinsdag is ’t grote proefwerk in navertellen… Maar ik zit er met haviksogen naast en werp af en toe een verpletterende blik naar man als ik vind dat hij weer te streng is. De vertwijfeling nabij. Allemaal. Met dat skien wordt ’t zo waarschijnlijk ook niks meer. Bluh.

Ach. Ik had er toch al niet echt veel zin in. Samen een lekker potje lijden op zondag is zoveel leuker…

Gudderig

Zo heet dat. Als je het steeds een beetje koud hebt en er af en toe een rilling door je heen gaat. Niet ijskoud maar gudderig. Net als het weer. Dat kan ook gudderig zijn. Godderen, gudderen, gidderen, schijnt allemaal ’t zelfde Nedersaksisch te zijn voor ‘met kracht neervallen‘. Stamt van geuren/guren. Dat betekent ‘als stof ergens uitvallen‘. Laat ik dat nou best wel graag willen… tot stof worden en dan lekker ergens uitvallen. Bij voorkeur uit een palmboom ofzo. Of uit een hete luchtballon zonder parachute… Even dwarrelen en dan vet crashen. Ja, dat lijkt me wel wat.

Ik ben gudderig. Mijn lichaam en mijn stemming zijn gudderig. Het weer is sowieso gudderig. En mijn ogen zijn gudderig. Ze vallen letterlijk met kracht neer. Alsof mijn oogleden twee doeken met loden baleinen zijn die na een volledig mislukte voorstelling versneld dicht smakken zodat het toneel in ieder geval vast niet meer te zien is. Snel weg.

Ik zou zo graag willen gillen. Gillen dat dat meisje van vroeger echt nog wel steeds ergens heel diep binnenin mij zit. En in een hoekje zit te huilen. Ik zou willen brullen dat ik nog steeds goed genoeg ben. Voor jou. En jou.  Schreeuwen dat je op moet rotten met je kritiek en je kleinerende opmerkingen. Ik zou je hardhandig door elkaar willen schudden zodat je eindelijk wakker wordt en ziet dat ik de moeite waard ben. Maar het is zó lastig om jezelf door elkaar te schudden…

Ik roep. darksoul

Maar degene die het werkelijk zou moeten horen, is doof voor mijn geschreeuw.
Ik kan mezelf niet horen…

God wat is het donker hier binnen zeg…

Ik wil fluoriserende lichtknopjes in mijn ziel.

.

.

.

.

(Maakt u zich vooral geen zorgen. Het gaat goed met mij. Ik zat te twijfelen of ik dit er überhaupt bij zou zetten, maar zieleroerselen en realiteit hebben niks met elkaar te maken. Niemand hoeft zich zorgen te maken over mij. Dat kan ik zelf nog altijd het beste.)

De maan is rond.

De maaaaaaaaan is rond.
De maan is rond.
Twee ogen, een neus
en een kont.

Tenminste, als je de maan die ik vandaag gezien heb, bekijkt. Het was daadwerkelijk dubbele volle maan. Ik werd er bíjna door verblind. Bijna. Ik ging er bíjna van janken. Bijna. Maar toen was hij ook alweer verdwenen achter een hoop wolken. Uitlaatgassen van het bestelbusje.

Vandaag kreeg ik wat leveringen. Dat gebeurt momenteel wat vaker, aangezien ik in fases als deze (u weet wel, zie voorgaande blogs enzo) ook last heb van een ietwat heftige vorm van bestelleritis. Amazon, bonprix en Otto zijn weer blij met mij. De bezorger belde aan. Ik wist ’t meteen: dit is een invaller. Onze normale postpaketbezorger belt namelijk niet aan: die kart gewoon in een lege bus rond en mietert hier en daar een formuliertje in de brievenbus dat je daar-en-daar vanaf 15:00h je pakket op kan halen. Deze bezorger daarentegen was zo beleefd om aan te bellen. IMrMoony1k deed open en zag een licht hangbuikborstelzwijnachtige man met een complete magneetarmband als piercing door zijn wenkbrauw. De man keek me wat sullig aan en had blijkbaar niet verwacht dat ik thuis was (ja tjeeee zeg, welke miep is er nou om half 11 ‘s-ochtends thuis…) want hij draaide zich met opgetrokken heavymetalhoelahoepwenkbrauw en met een zucht om, om in de bus dan toch maar mijn MrMoony2bestellingen te gaan halen. Hij boog zich voorover in de bus op zoek naar drie dozen en ik viel bijna om… Die aanblik!! Yikes!!!

Nu ben ik best wel wat gewend. Maar dit was echt pure horror. Dit was geen gewoon bouwvakkersdecolleté meer, dit was een complete sloopkogel. Maal twee. Als ik nou nog gewoon een decent geldsleufje zag, had ik er nog niks van gedacht. Maar hier keken twee volledige, witrode, pokdalig gevlekte aarsbollebozen mij recht in de reebruine oogjes… Het leken wel twee uit de kluiten gewassen haikido-pompoenen. En het was dus nét als bij mijn ufo-sighting van de afgelopen zomer: ik was simpelweg té verbouwereerd om mijn mobiel te pakken en een bewijsfoto (of nog beter: -film…) te maken. Maar ik kan u vertellen dat het zeer deed aan de ogen. Dit was een man van het type “Met jou? Nog voor geen 68 miljoen!” en zijn achterwerk paste werkelijk perfect bij hem.

Ik ben dus gemoond. Geflashed. Hoe u het ook wilt noemen. Een ordinaire sloopkogelventer. Ik ben niet vies van achterwerken, maar dit was echt teveel van  MrMoony3het… euh… achterste. Met ingehouden schaterlach ondertekende ik op het electronische kraspadje. Morgen komt-ie vast weer want ik verwacht nog minstens drie leveringen. En zeker weten dat ik dan alvast mijn mobiel al sneaky op de fotografeerstand in de hand achter m’n rug houd. *Klik*. Gheh 😛

Bij het ceremonieel doorknippen van het plastic paklint was ik blijkbaar toch duidelijk wel ietwat van mijn apropos want ik knipte met de schaar nog even vet in mijn middelvinger.
Cut4 watwashetookalweer?

Ja. In mijn middelvinger dus…
Thank you Mr. Moony!!!