Dochter is stuk en mensen zijn best aardig

Met 120 scheur ik over de landweg waar ik laatst zelf een ongeluk had, doordat een tegenligger met eenzelfde snelheid op mijn weghelft een onoverzichtelijk bocht om kwam scheuren. Toen reed ik de berm in, met alle schade van dien.

Dit keer ben ik het zelf, die voor gek en onwijs reed. Naar de plek waar mijn dochter in de kreukels ligt. De plek waar al drie auto’s her en der in het gras geparkeerd staan en een overstuur vriendinnetje huilend naast mijn meiske zit, dat half liggend overeind en wakker gehouden werd door een vrouw. De plek onderaan de flinke berg waar ze zo lekker hard vanaf suisde. Totdat een auto haar rakelings passeerde, zij uit wilde wijken en haar wiel begon te zwabberen. Boem.

bron: pixabay.com

Ze kijkt me wazig en betraand aan.
“Mama…”
Meer zegt ze niet. Maar ze herkent me, godzijdank.

Haar vriendinnetje belt eerst de vader van mijn dochter (mijn ex-partner), maar die blijkt helaas te ver weg om meteen ter plaatse te kunnen zijn. Dan belt ze mij, met het mobieltje van mijn dochter.
“Hi, lieffie! What’s up?” roep ik als altijd in de telefoon, wanneer haar naam op mijn scherm verschijnt.
“Ik ben het. Lena… K. is over de kop geslagen en gevallen met haar fiets en er zit overal bloed. En ze weet helemaal niks meer… Kun je alsjeblieft gauw komen?”
De shockwave die bij zo’n bericht door je heen gaat, laat je hart je maag opslokken.

“Waar zijn jullie nu precies?” Daar en daar. Onderaan de berg.
“Is er iemand bij haar?” Ja, er zijn meerdere volwassenen gestopt en met haar bezig.
“Ik kom er nu aan.”

Het is raar om je kind daar zo in het gras te zien liggen. Als een kapotgescheurde vaatdoek. Haar been is bebloed. Haar achterhoofd ook een beetje: daar waar de knop van de helm door de val in haar schedel gedrukt is.
Ja, ze had een helm op. Nu ligt het ding van binnen en buiten gebroken in het gras. Ik ben die helm eeuwig dankbaar. Wat als ze hem niet op had gehad? Had ik dan nu geen dochter meer? Of een dochter die niets meer weet en niemand meer herkent vanwege een deuk in haar hoofd? Een deuk die nu in de helm zit?

De ‘kleinste’ schaafwond (knie). De rest mocht niet op de foto. (eigen foto LB)

Uiteindelijk komt haar papa ook aangereden. Hij is duidelijk net zo aangedaan en geschrokken. We praten even. Voor het eerst sinds lange tijd weer in real life. Dat is raar, maar eigenlijk ook heel oké. De aanleiding voor dit onverwachte gesprek stemt hem milder, blijkbaar.

We zetten dochter voorzichtig in de auto. De omstanders helpen waar ze kunnen en laden de kapotte fiets in de kofferbak. Ze hebben haar opgevangen, water gegeven, getroost en bij zinnen gehouden. Ook hen ben ik heel dankbaar. Het is zo ontzettend fijn om te merken dat mensen wel degelijk meteen stoppen en helpen. Iedereen is begaan met haar, met ons. Elke keer houden er auto’s stil en wordt er gevraagd of er nog hulp nodig is. De vrouw die haar de nodige eerste hulp heeft gegeven, ken ik zelfs. Ze informeerde ’s avonds op Facebook ook nog een keer naar haar toestand. Medeleven is fijn.

Het is in de huidige tijd van gescheld en gezeik bijna niet meer te geloven, maar mensen zijn echt heel aardig. Online, vooral op ‘social’ media, krijg je wel eens een andere indruk. Ook nu sta ik weer versteld van de behulpzaamheid, de bekommering, de steun die meteen gegeven wordt als mensen ‘in het wild’ en in real life een nare situatie meemaken. Situaties waarin iemand in nood is of verdriet heeft. Het doet me weer even beseffen dat wij mensen in feite best een heel sociaal en empathisch soort zijn.

Dochter is inmiddels aan de beterende hand. Ze heeft een lichte hersenschudding, een verrekte, mogelijk gescheurde pees in de nek (dat moet nog bekeken worden), een gekneusde arm en een hoop schaafwonden.
En ze heeft gigantisch veel geluk gehad. Dat ook.
Overmorgen wordt ze 12. Omdat het gisteren weer eens ‘nét goed’ gegaan is.

Het leven hangt aan elkaar van geluk. Want met een beetje pech ben je zo stuk.


Ook verschenen op HoeVrouwenDenken

“Mama, waarom was je er niet?”

bron: eigen foto (LB)

Gisteren was een gitzwarte dag in mijn moederschapscarrière. Over het algemeen doe ik het best oké als moeder, geloof ik. Maar deze vrijdag was ik bij uitstek de slechtste moeder van het noordelijk halfrond.

Een week of twee geleden moest ik weer eens een of ander briefje ondertekenen. Een voorstelling van dochter (11), samen met het theaterclubje van haar school, voor alle klassen en natuurlijk alle ouders; of en zo ja, met hoeveel personen ik de voorstelling bij zou wonen. Het was wel een dag waarop de kinderen niet bij mij zouden zijn (dus ‘vrij’ om uit te slapen, te werken en te klunzen), maar ik zou natúúrlijk gaan kijken, wat dacht je! Mijn dochter op de planken. Altijd leuk.
Ik zette mijn krabbel eronder en plantte datum en tijd in mijn online agenda. Klaar. Van later zorg.

Je raadt het: die vermaledijde vrijdag dacht ik helemaal nergens meer aan. Ik zag de notificatie van de google-agenda ook niet (was die er wel geweest?).

Om zes uur ’s avonds ging de telefoon: mijn dochter (zei ’t beeldscherm).
“Hai meiske! Wat lief dat je belt! Hoe is het, lieffie?”
Stilte.
“Joehoe! Ben je er nog?”
“Ja.”
Weer stilte. En dan:
“Mama, waarom was je er niet vandaag?”

Ik hoor de tranen in haar stem en val nu zelf stil. Dan herinner ik me wat er vandaag was. Grote K met een flinke ‘u’ en een lange ‘teeee’. Ik slik. Hoe kón ik dit vergeten… Ze is er zo lang mee bezig geweest met haar theaterclub. Kleren uitgezocht. Dagen van tevoren al zenuwen. Twee keer achter elkaar optreden. En dan ben ik er niet.
Ik kan wel door de grond zakken.

“Oh… meisje toch… ik ben het compleet vergeten. Hoe kan dit… Het spijt me zo ontzettend gigantisch…”
“Nou ja,” hakkelt ze, “geeft niet…”
“Jawel, geeft wel! Ik voel me nu echt zo, zó enorm stom… Ik bén stom! Ik had dit niet mogen vergeten. Ik heb er echt totaal niet meer aan gedacht, terwijl ik wist hoe belangrijk dit voor jou was. Het spijt me zo erg…”

“Ik heb je overal gezocht, mam,” murmelt ze schor.
Ik hoor haar de tranen wegslikken. Ik doe hetzelfde. En weet niet meer wat te zeggen.

“Ik voel me nu echt zo’n gigantisch slechte moeder…”
Ai. Dat roetsjte eruit. Dat moet ik nu juist niet zeggen, want ik weet dat ze dat gaat tegenspreken. En dat doet ze ook, lief als ze is.
“Nee, nee, dat ben je niet. Je bent geen slechte moeder. Iedereen vergeet wel eens iets. En ik ben een nog veel grotere chaoot dan jij, hoor. Ik vergeet altijd alles. Nee mam, je bent geen slechte moeder hoor. Echt niet.”

Maar ik voel me er wel eentje. Een rund van een moeder. En wie is hier nu eigenlijk de volwassene? Ik, die echt niet meer weet wat ze uit moet brengen van schaamte, of zij, die mij door haar tranen heen probeert te overtuigen dat het allemaal niet zo erg niet is?

“Is het goed gegaan dan? Was het wel leuk?” Ik probeer het maar met doorvragen.
“Ja! Het ging heel goed, maar ik was doodzenuwachtig. Waarschijnlijk was ik nog zenuwachtiger geweest als jij er wel was geweest, dus misschien was het maar beter zo. Oh, en ik ben met de buurvrouw mee terug gereden, want ik moest ook nog naar huis [= huis van vader] komen, hè…”
Oh ja. Oeps. Ook dat nog. En ik voel me zo mogelijk nóg mislukter. Ik heb mijn dochter echt volledig in de steek gelaten. Ik huil inwendig weer een beetje harder.

“Heb je foto’s? Kan ik die dan nog zien?”
“Ja, Max heeft een foto gemaakt met mijn mobiel. En een filmpje. Wacht, stuur ik je zo even op Whatsapp. Nu moet ik eten mam! Tot maandag! Ik hou nog steeds van jou, hoor!”
“Dag schatje, ik ook van jou!! En het spijt me echt, echt, echt enorm. Maar ik kan het meer niet veranderen…”
“Weet ik toch! Kus, mam, tot gauw. Kusje!”

Bron: eigen foto (LB)

*Ploink* – daar is de Whatsapp. Helaas heeft Max zijn zusje erop gezet, dus dochterlief is op het filmpje niet te zien. Op de foto nog nét. Een sliertje dochter aan de rand van het podium.
Ik stuur haar een paar hartjes en: “Jij bent de liefste en de geweldigste dochter die een moeder maar kan hebben!”
“Jij ook!” komt er meteen terug.
“Ik zal het oma zeggen  😉 ”
“Haha!”
Er volgt nog een ‘ich hab dich sooooooo lieb!!!’-appje (dochter is Duitstalig), begeleid van x-tig uitroeptekens en een buslading zoensmiley en hartjes.

En toch… Tóch zal ik me nog wel even die slechtste moeder van het noordelijk halfrond blijven voelen. Ik heb nog tot maandag de tijd om na te denken over mijn zware moederfout en hoe ik dit maandag in hemelsnaam weer goed kan maken.

Wáárom was ik er niet…


Ook verschenen op HoeVrouwenDenken.nl

Megaloos maxistische dinnerconversaties

Weekend. Avondeten. Friet met een tartaartje en boontjes, hoezee.
Ik zie dat dochter (11) ergens mee zit maar wacht het rustig af. Komt vanzelf.

“Mam, Max wil een spreekbeurt houden over Trump. En hij wil dat samen met mij doen. Wat nu?”

Daar heb je het al. Ik vraag me meteen af waar dat ‘Wat nu’ op slaat. Op het spreekbeurt houden zelf, op de samenwerking met Max of op het feit dat de spreekbeurt over Trump moet gaan.
Diplomatiek als ik ben, antwoord ik: “Nou joh, leuk toch?”
“Nee. Max is een grote eikel.”

bron: pixabay

Ah, dáár hebben we ware het probleem.
Ik blijf op mijn hoede. “Waarom is Max dan een eikel?”
“Nou, omdat hij een hoop rottige dingen zegt tegen de andere meisjes van de klas. Vooral tegen Ishlah. Over dat ze maar fijn terug moet gaan en zo. Iedereen moet ook altijd precies doen wat hij wil. En hij overdrijft alles, hij is een megaloze [huh? Heb ik zojuist een nieuw woord geleerd? Een combinatie van megalomaan en weergaloos?] opschepper en hij maakt steeds van die super-overdreven bewegingen met zijn handen als hij praat. Alsof hij je wil slaan. Oh, en hij liegt altijd en zegt dat dat, wat anderen zeggen, niet waar is en dat hij het niet gedaan heeft.”
Da’s een prachtige, ellenlange opsomming van tekortkomingen.
Volgens mij ken ik nog een paar van die types ergens in de huidige wereldpolitiek.

“Waarom wil Max dan samen met jóú een spreekbeurt houden? Vindt hij je stiekem misschien heel aardig?”
“Nee, natuurlijk niet! Tjee zeg. Max weet gewoon dat ik dan wel weer alles doe. Hij gaat in z’n neus zit te boren en ik kan het goede cijfer binnenslepen. Lekker makkelijk voor hem.”

Oh.

Mijn immer ambitieuze dochter laat zich inderdaad vaak voor allerhande karretjes spannen. Ze moet eens leren dat samenwerken inhoudt dat iederéén iets doet voor het gezamenlijke doel, niet alleen zij. Maar goed, dit keer heeft ze duidelijk géén zin in die dienstbare rol. En het verheugt mij om te zien dat ze inmiddels een flinke dosis zelfkennis heeft opgedaan.

“Nou, dan doe je het toch gewoon niet?”
Dochter zucht. Ma altijd met haar oplossingen…
Stilte.

“Mam, vind jij Trump ook een eikel? Max vindt hem mega-geweldig, maar verder vindt iedereen ‘m een klootzak. Jij ook?”
Ai. Ik dacht dat Trump hier niet de issue was. Helaas. Fout gedacht.
“Nou eh, ik weet nog niet zo goed wat ik ervan moet vinden. Trump is eigenlijk best wel een beetje als Max. Misschien vindt Max hem daarom wel zo – eh – megaloos?”
“Hoe bedoel je, ‘als Max’…” [Hah! Ik heb het woord megaloos blijkbaar goed gebruikt, want dát valt haar niet op].

“Nou, Trump overdrijft nogal eens en hij zegt vaak dat dat, wat anderen zeggen, niet waar is. ‘Fake!’ noemt ie dat.”
Over z’n rare ‘wijsvinger-raakt-duim-en-dan-gaat-de-handpalm-dramatisch-open’-handbewegingen ga ik het maar niet hebben, dat voert te ver.

bron: pixabay

“Ja maar… dat doen toch ál die presidenten. Daarom is ie nog lang geen eikel, zoals Max?”
“Heb je helemaal gelijk in. Maar hij heeft ook nogal absurde ideeën over wat goed is voor het eigen volk en voor de hele wereld. Hij drijft zijn wil door en hij is behoorlijk uit op winst ten koste van heel veel anderen.”
Ik voeg er nog snel “…vind ík dan…” aan toe, beseffende dat ik hier nogal aan het uitweiden ben over zaken die niet veel meer met Max te maken hebben.

Dochter denkt zichtbaar na. Ik klets ietwat voorzichtiger door: “Trump doet ook wel iets goed, hoor… Hij houdt zich namelijk aan al zijn beloftes, en dat doen niet veel mensen tegenwoordig. Zeker politici niet. Die beloven voor de verkiezingen van alles en nog wat, en na de verkiezingen maken ze daar niks van waar. Trump wel. Die doet alles wat hij beloofd had, en wel meteen. Hoe stom dat dan ook mag zijn. En hij weet te delegeren en overal zijn voordeel uit te slaan. Da’s best knap.”

bron: pixabay

Dat vindt dochter overduidelijk een interessante visie. “Delegeren. Dat is als je andere mensen dingen voor je laat doen, hè? Misschien moet ik het dan toch maar doen, die spreekbeurt met Max. Dan zeg ik hem gewoon wat HIJ allemaal moet doen en zeggen, in plaats van dat ik alles doe. Handig!” Mooi. Opgelost.
Go for it, girl! It’s gonna be great. Huge! Megalistical.

Enfin. Ik zit nog gezapig de laatste frietjes weg te kanen. Dochter staat op en pakt het bord met friet. Ik protesteer gelijk.
“Ik ben nog niet klaar hoor, laat dat bord nog maar mooi effe staan.”
“Hè mam, ik wilde het bord alleen maar even in het midden zetten zodat ik er óók bij kan en jij niet alles in je eentje opvreet.” Ze kijkt me met een licht spottende grijns aan.
“Dacht je nu écht dat IK de tafel ging afruimen? Haha, daar ben JIJ toch voor?”


Eerder verschenen op HoeVrouwenDenken