“Wel even melden hoor!”

Heel vroeger, toen ik nog jong en wild was (en thuis woonde), ging ik in het weekend vaak tot diep in de nacht stappen. Mijn ouders lieten mij een mijn zus behoorlijk vrij: ze hadden vertrouwen in ons. Er was wel één voorwaarde: Wij moesten ons wél melden als we ’s nachts om 3 uur weer naar binnen kwamen strompelen. Altijd. Want alleen dan had mijn moeder ook weer peace of mind en kon zij eindelijk ook met een gerust hart gaan slapen.

bron: pixabay

Ik vond het destijds ietwat overdreven (want wat kon er nu misgaan…), maar ik was me ervan bewust dat ma wakker zou liggen tot ze wist dat haar kroost  weer veilig thuis was. Dus meldde ik me met liefde af bij de slaapkamerdeur, hard fluisterend: “Mahaam, we zijn thuis hoor!! Alles oké!”
“Mooi zo. Slaap lekker,” klonk het dan prompt (en erg wakker) terug.

Nu, bijna drie decennia later, is dat nog steeds niet anders. Kar ik van Nederland terug naar Oostenrijk (of vice versa) of onderneem ik een andere, langere reis, moet ik me bij aankomst op bestemming zo snel mogelijk melden.
“Ik ben over hoor, alles oké! Weer een hoop ongelukken gezien onderweg!! :-p ”

Toch is er een verschil met toen: mijn ouders moeten het nu óók, dat afmelden. Want wij kinderen maken ons inmiddels net zoveel zorgen over hen als zij over ons. En mijn ouders reizen veel. Erg veel. De hele wereld rond. Zeventigplussers on the road.

Pap en mam melden zich dan ook braaf: ze weten immers hoe het is om in onzekerheid te zitten over geliefden. Zijn ze aangekomen, komt er steevast een whatsappje: “Wij zijn [er, hier, daar, over, in Kaapstad/Tokyo/Helsinki, in het hotel, wherever], slaap lekker!” Altijd.

bron: pixabay

Gisteren niet. Ze waren weer eens onderweg van hot naar her, dat wisten we (een aangekondigde reis). Maar sinds vertrek geen bericht meer over de aankomst. En geen bericht is met de huidige constante bereikbaarheid al lang geen goed bericht meer. Integendeel. De voorstellingen van wat er allemaal gebeurd kan zijn, denderen weer eens door mijn hoofd. Ik piekerkont. Ik zoek vluchtig het internet af, even kijken of er op de weg – daar waar zij zouden rijden – nog ‘iets’ voorgevallen is. Niks te vinden.

Om half 1 ’s nachts whatsapp ik in onze familiechatgroep: “Zeg lui, hoe zit dat, zijn jullie goed aangekomen? Geen bericht… is alles oké?” Geen reactie. Vanochtend, na een wat onrustige nacht, ook niet. Ik whatsapp zus met de vraag of zij iets gehoord heeft. Nee, niks. Zorgelijk.
“Nou, om 9 uur ga ik ze bellen, hoor! Dan bel ik ze maar uit bed.”
(Bellen is tegenwoordig altijd de laatste optie, hè).

Om 5 voor 9: floep, een berichtje.
Hoera, het is m’n pa. “Ja. De wifi deed het niet. Nu wel weer. Alles oké.”
Pfff, opluchting! Ze zijn weer veilig thuis.

De goede man erop wijzen dat hij ook 3G én SMS op zijn telefoon heeft…
Ach, dat doe ik later wel een keer.


Eerder verschenen op HoeVrouwenDenken.nl

Afscheid van volwassenheid

“Volwassen worden is afscheid nemen van steeds meer vormen van jezelf die je ooit had kunnen zijn en de beperkingen aanvaarden van de persoon die je merkt te zijn geworden.”
(uit: “Een tafel vol vlinders” – Tim Krabbé)

afscheidvanvolwassenheidvlindersLBNou, ik merk niks. Toevallig. Niets van die vermeende volwassenheid, niets van de personen die ik allemaal niet geworden ben. Lichamelijk volwassen ben ik al lang. En breed ook. ‘Ervaringsvolwassen’ ben ik – vrees ik – eveneens. Alleen dat geestelijk volwassen worden, dat wil maar niet lukken.

Ik heb dan ook nooit echt afscheid genomen van al die persoonsvormen die ik had kúnnen worden, simpelweg omdat ik nooit heb stilgestaan bij wie ik allemaal geweest had kunnen zijn. Ik ken alleen de ik die ik nu ben, inclusief de beperkingen van die ene ik. Oh, de eenzaamheid… Ik kan dus eigenlijk alleen maar concluderen, dat ik ondanks alles nog steeds kind ben gebleven: een 14-jarige met 30 jaar ervaring. Misschien moet ik dan nu maar afscheid nemen van het algehele concept ‘volwassenheid’?

Mijn mama zei ooit: “je wordt pas écht volwassen als je ouders er niet meer zijn.” Ze sprak uit eigen ervaring. Ik denk dat het klopt. Het hoeft niet eens de fysieke afwezigheid, de dood van je vader en/of moeder te zijn; als je ouders geestelijk (bijvoorbeeld door psychische achteruitgang, dementie of zelfs amnesie) niet meer in jouw leven deel kunnen nemen, is degene die altijd verantwoordelijk voor jou was, ineens jouw verantwoordelijkheid geworden. DAT is volwassenheid door afscheid.


Eerder gepubliceerd op HoeVrouwenDenken.nl