Schudtaart

Gisteren had ik een vergadering. Een vergaderingsgenote sprak na afloop lyrisch over een zogenaamde schudtaart. En wie ben ik om dat niet gelijk de volgende dag uit te proberen? Juist, diegene ben ik! Bij deze een fotoverslagje (recept inbegrepen):

Schudtaart1Schudtaart2Schudtaart3

Costa!

De Costa Concordia. Dat ene wrak daar. Iedereen heeft het erover. Nu of nooit, de laatste poging om het ding weer rechtop te krikken. De wereld is er live bij. Het lijkt wel een soap. Pure spanning. it’s now of never. In goede en in slechte tijden het ding rechtop krijgen (uhuhh). As The Ship Turns. En ook al zegt de baas van deze hele bergingsactie dat succes 100% verzekerd is, dan blijft nog steeds de vraag wat dat succes dan werkelijk is…. Er kan alsnog een hoop fout gaan. Het kan zijn dat de boel buigt tot het barst, dat het schip zó aan de rotsen vastgekluisterd zit dat het niet losgetrokken kan worden, dat er vanalles uit het schip omhoog kan komen (en dan hebben we het nog niet eens over die twee mensen die ze nooit gevonden hebben), dat het schip te ver doorschiet naar de andere kant, dat er een minivloedgolfje de haven in spoelt, enzovoort.

Een week of zes geleden lag ik naast dat kolos in de zee. Twee kolossen, gemoedelijk naast elkaar in het Gigliose kustwater (ghehehe, sorry, kon ’t niet laten). De oliebarrières in de haven en voor het strandje lieten al wel vermoeden dat La Costa niet helemaal dicht was. Hopelijk werken die dingen als er straks eventueel meer van vanallesennogwat uit komt. Het gemoedelijke, piepkleine haventje, toen bloedjeheet en loom onder de met wijnranken overgroeide terrasjes, nu in de koude slagregen, volgepropt met 350+ journalisten en fotografen. Toen we door Porto di Giglio heen liepen, stonden we bij een oude kademuur. Daar was de verleiding te groot: éven een fotootje maken waar je doet alsof je dat bootje wel even tussen duim en wijsvinger neemt en huppakeee, rechtop zet.

Ik moet toegeven, het is werkelijk een imposant ding. En nog imposanter als je nadenkt over hoe die stuurlui zo’n gigantisch schip zo gruwelijk hard langs de rotsen hebben kunnen laten schuren. Een gapend gat in de romp van wel zeventig meter lang. Over wie er schuld aan is en wat wie nu wel of niet had moeten doen, is alles al  wel gezegd geloof ik. Het blijft triest. De Costa Concordia ligt werkelijk vlák voor de haven van Giglio, griezelig dichtbij. Hoe hebben ze het voor elkaar gekregen…

Anyway. De berging verloopt vooralsnog blijkbaar volgens plan. De veerbootmaatschappijen die op Giglio varen, zullen er vast helemaal niet blij mee zijn. Ach. Was ik toch maar mooi één van die ontelbare ramptoeristen die in een warme julimaand naast een slagzijliggend cruiseschip hebben mogen zwemmen. Altijd nog beter dan een boottoerist die in een ijskoude januarimaand naast een slagzijliggend cruiseschip móet zwemmen…

Costa1Costa2 Costa3costa4

Hart verpand

aan Nederland.

Was altijd al zo, zal ook altijd zo blijven. Ik mag dan al zo’n zestien jaar weg zijn, ’t helpt geen bal inzake vaderlandsgevoel kwijtraken.
Ik hartje Nederland.

Vandaag zocht ik iets ‘rustigs’ om met de kinderen te doen. Iets waar ik geen kilometers voor hoefde te rijden (want geen eigen auto en snelkotsende kinderen), iets met een beetje natuur erin. Ik struikelde bij het zoeken naar ‘Uitjes in Dinkelland’ over het Lutterzand. Een paar handdoeken in een tas gepropt, kinderen in de auto (“Maham ik wil thuisblijven… Ik hou niet van wandelen. En niet van beekjes. En ook niet van vissen die in mijn tenen bijten”). Luttele 15km verderop stapten we uit.

Eén blik en de kinderen renden er gelijk op los. Een mul, grillig zandpad langs de Dinkel. Omgevallen boomstammen, zandduinen. Weinig mensen. 20130827_135055En veel zand. Heel veel geel zand. Heerlijk om met de blote voeten in te lopen. Bij de eerste inham van de Dinkel waar je bij het water kon komen, denderden ze naar beneden. Pootjebaaien in ’t gelige water, wat eigenlijk helemaal niet geel was maar kraakhelder. De gele zandondergrond gaf de kleur. Weer een stukje verder lopen. En weer een soort van strandje, dit keer groter. Onder de enorme loofbomen zat een heftig zoenend stelletje op een picknickdeken.
20130827_145042
“Mam, die wolln knutschen. Geh’ ma weida…” (oftewel: mam, die willen zoenen, lopen we een stukje verder). Hoe attent 🙂 Plek zat daar dus dat verder was ook een prima stukje natuur. Weer een baaitje. Een paar mensen lagen in het zand, een paar kinderen poedelden in het water. De mijne ook. En uiteindelijk ik eveneens. Wat een weelde. Het zacht stromende, heldere water over je voeten voelen glijden. De kinderen in hun element. Een lichte dennengeur van het gemengde bos. Grazende koeien in de wei ernaast. En een ijsje toe op het terras van het restaurant.

Thuis gekomen zet ik de samen met mijn mam alvast klaargemaakte pan met hummekessoep op het fornuis. Nog even wat fijngesneden prei en een verse rookworst erbij in. Oerhollandsche pot. En dubbelvla na.

Ja. Ik hou van Nederland.

20130827_135715   20130827_133419 20130827_133305  20130827_130448

20130827_131633

Koeientreinen

Gisteren ben ik in de trein gestapt. De laatste keer dat ik in Nederland in de trein zat, is alweer driekwart jaar geleden. Daarvoor was het zelfs minstens een decennium terug…trein3

Onderweg moet ik al toegeven: ik geniet. Midden tussen de stadse huizen een weiland vol met zwart-witte koeien, daarnaast een kudde goed over het groene gras verdeelde schapen. Roodbonte koeien. Witte koeien. Zwarte koeien. En toen was daar ineens Almelo. Graffiti op de muren, op de wagons, op de glazen geluidswerende panelen, op de brug, op stroomkastjes, op alles. Een volledig verroeste colonne goederenwagons, het voorste gedeelte – locomotief incluis – ook weer geheel in kleurige gigaletters gedompeld. De trein staat nog geen minuut stil en glijdt bijna onhoorbaar weer verder.

Oude loodsen, industrieterreinen, meer koeien, conducteur. Oh. Conducteur! Ik tover met een goed geweten mijn blijkbaar van chip voorziene dalurendagkaart van de blokker (tip van en gekocht door sweet sis, die me zo dik 25 euro bespaarde) tevoorschijn en hij houdt ‘m tegen zijn apparascandinges aan. Wat een techniek… bij ons heb je nog gewoon een man met een tang die een gaatje in je kaartje boort. In ieder geval heb ik blijkbaar goed ingecheckt want hij mompelt “bedankt” en ik mag blijven zitTrein1ten, verder boemelend op een treintraject wat ik in mijn studententijd wel kon dromen.

Nederland stikt van de rotondes. Het valt echt op. En de rijbanen zijn o.h.a. te smal. Dat ook. Een trekker draait gemoedelijk zijn rondjes. Kilometerslange maïsvelden en een windmolen in een privéwolkje. Een minispoorwegovergang mét slagbomen voor enkel een fietspad. Twee fietsers staan al kletsend te wachten. Moestuintjes, rijtjeshuisjes, volgekalkte trafokastjes. Koeien. Altijd weer koeien.

Bij het volgende station gaat ineens de airco aan. Godsenegriebels wat koud. Naast me, aan de andere kant van het gangpad, zit een werkende moeder met haar – ik schat niet ouder dan 4-jarige dochtertje – en tussen haar telefoontjes door bediscussiëren ze liefdevol wat de op reis gaande Sanne allemaal in haar koffer heeft. Ze looft haar dochter. Zo schattig om te horen. Volgende belletje en moeders moet zich even wegdraaien van kakelende dochter om iets te kunnen verstaan. Een bewaakte fietsenstalling met wel duizend fietsen. De IJssel. Mét uiterwaarden. Een caravanboer. Geen tunnel onbeklad. Nog meer volkstuintjes. Ik kan er geen genoeg van krijgen.trein2

De werkende moeder blijkt ineens niet de moeder te zijn maar een goed onderhouden of gewoon nog zeer jonge oma want kindeke noemt haar zo. Perfect gekleed, felblauw jurkje met prachtige rode handtas en dito schoenen, slank en sportief. Ik schat haar echt nog geen 45 :-S. Dochtertje graait de mobiel van oma van het klaptafeltje. Voordat oma “ja is goed” kan zeggen, mept het meiske al op de toetsen en belt spontaan met haar mama. “Met wie spreek ik?? Mama?? Ik versta d’r bijna hélemaal níks van hoor… Maar mama? Ik hou van jou! Mama? Waar ben je nu? … Mama? Veel plezier hoor!! Ja. … Ja. Jahaaa… Over één, twee, drie, víer nachtjes gaan we op vakantie hè? … Ja ik ook. Ja doeiiiii!! Mama? Ik hou van jou!!! Mama… jíj zou toch ophangen? Ja. Doe nou. Ja. Doehoeiiii!!!” Ik grijns me suf.

Amersfoort. Plek van overdracht, zo blijkt. Oma stapt uit, papa stapt in. Ze gaan nu op een raamplek twee stoelen voor me zitten. Oma zwaait en meiske gebaart met veel omhaal “Ik hou van jou” naar oma, wijst naar zichzelf, maakt met haar vingertjes een hartje en wijst dan naar oma. Ik heb wel eens afvallig geblogd over treinreizen. Maar ik neem alles terug. Treinreizen in Nederland is best goed te doen (als die dingen op tijd rijden tenminste) en bij tijden zelfs echt leuk.

De terugweg was wel wat minder. Te vroeg… maar ondanks dat toch te donker om wat te zien buiten, een te volle blaas en een pleevrije trein. En ik had blijkbaar uit moeten checken en weer in moeten checken enzo. En dan weer uitchecken. Ik snap ‘em niet. Ik heb toch een dagkaart? Inchecken, één dag geldig, klaar. Maar nee. Je moet uitchecken. Dat is dan óók weer Nederland…

Reisluchten

Deze reisluchten
laten mij zuchten.
De wolken, de kleuren,
geen tijd om te zeuren.
Te druk met vluchten…

In deze vergezichten.
wegvliegen, camera richten.
Autobahnzoevend
Nietsbehoevend
Enkel maar deze reisluchten…

collage

Lijden – de tweede

sandl1      Het eerste lijden van gisteren was toch nog op een schappelijke tijd voorbij dus hebben we uiteindelijk toch de boel in de auto gegooid en zijn gaan skiën. Op naar Sandl, een durp op ongeveer veertig minuten rijden hier vandaan. Hele lichtblauwe pistes waar de kinderen zich prima vermaken. Voor ons is het een beetje saai maar ach, in Schuß naar beneden is ook best leuk. Mooi uitzicht ondanks het feit dat de zon er werkelijk geen zin in had. De kinderen gingen als kanonnen, prachtig om te zien.sandl3sandl2

Het eerste uurtje ging alles prima. Tot ik met toch wel enige vaart over een heuvel/richel skiede om vervolgens op het daaronder gelegen hobbeltje te landen. Dát ding had ik dus even niet verwacht, vloog achterover en landde op mijn achterhoofd met mijn linkerbeen achter me. Ouch. Ik stond vrijwel gelijk op en ging ook meteen maar weer zitten. Allemaal sterretjes… Mijn helm (thankgod voor dat ding want anders was ik sandl5nu waarschijnlijk gelukkige bezitster van een schedelbasisfractuur geweest) was met de klap zo naar voren geschoten dat-ie mijn skibril in mijn neus had vereeuwigd. Ouch twee. De sterretjes bleven. Ik stond nog een keer op, verzamelde mijn ski’s en zwaaide naar man bij de skilift dat-ie maar met de kinderen omhoog moest gaan omdat ik toch echt even moest gaan zitten. Ski’s aan. Knie zakte naar binnen door. Ouch drie. Ik gleed naar de skihut onderaan de piste en plofte op ’t bankje neer. Daar heb ik een half uur gezeten maar de sterretjes gingen niet weg en ik kreeg er nog een portie barstende hoofdpijn en een portie misselijkheid bij geserveerd.

sandl7Man kwam eraan om te kijken wat er nou was en ik beschreef hem de sterreflikkers  in mijn hoofd en wat er gebeurd was. “Oh, da’s een hersenschudding… blijf maar effe zitten, ik ski nog wat met de kinderen en dan gaan we naar huis”. Okidoki dan maar…

Afijn. Op de terugweg nog even bij schoonmoe langs, kinderen en man hebben daar gegeten, ik op de bank gelegen. Toch maar snel door naar huis. In bed gekropen. Wat een pijn. M’n hoofd, m’n neus, m’n knie, ik kon ’t wel uitgillen, werkelijk waar. En die deuk in mijn ego deed inderdaad ook best zeer. Hoe kun je nu zó stom vallen op een glijheuveltje dat nauwelijks een blauwe piste mag heten. Schicksal of stomheid? Ik gok op een combinatie. Maar lullig blijft het.

Nu zit (lig) ik hier met een hersenschudding (ik neem aan dat ’t een hele lichte is, gezien het feit dat ik nog kan typen en rechtop kan zitten, maar de misselijkheid, de pijn en het gevoel alsof er iemand me aan mijn achterhoofdharen omhoog trekt en de gordel om mijn hoofd steeds een stukje verder aansnoert, blijven), een kapotte linkerknie (ik denk een verrekte of ingescheurde binnenknieband en/of beschadigde meniscus) en een gekneusde neus (ach, nomen est omen). De nacht was hels, nu gaat ’t wel weer. Maar ik ga toch maar weer een advilletje erin gooien en nog een rondje slapen ofzo…

Skiën is best leuk en gezond hoor, echt.
Alleen moet je niet stom vallen.
Laat ik dáár nou juist heel erg goed in zijn…

.

sandl6

sandl4

*iets met gouden randjes*

Een zaterdag met een gouden randje.

Rond een uur of 9 word ik wakker. Ik kan me meteen levendig herinneren wat ik gedroomd heb: ik had mijn hele bovenlichaam laten tatoeëren. Een sjiek blauw corset met knoopjes over m’n romp met blauwe comicfiguren (Betty Boop, Sonic…) op mijn rechterarm en de Friese vlag over mijn hele linkerarm. En ik was er superblij mee, dat ook nog. Eenmaal wakker was ik ergens toch wel blij dat ik deze smurf-in-de-halvamel-like tattoo enkel in mijn fantasie mee heb mogen maken. Ik wil best wel een kleine tattoo (jaja, coming out of that closet too, gheheheh) maar gelijk m’n hele bovenlichaam in ’t (rood-wit-)blauw was toch wel een beetje heftig geweest. En daarbij komt dat mijn bovenkant nog best aardig is. Als er iets opgesierd zou kunnen worden, was dat eerder het gedeelte van de navel naar beneden tot aan de tenen geweest. Plek zat daar in ieder geval…

Ik overweeg of ik op zal staan of niet. Niet. Of ja toch maar. Vannacht sliepen we pas om 2am dus dat hoeft nu niet nog een keer. *kuch* Douchen, zaterdagochtendontbijt met een eitje en versgeperste jus. Man ruimt op, ik scheur even naar ’t sportveld om wat dingen te regelen en te bespreken met de verenigingsvoorzitter. Daarna: koffie, nog meer koffie en FB cq. mails checken (misschien moet ik nog Die Welt Retten hè, you never know). Ook nog een wandeling in de ijskou en wat foto’s gemaakt met m’n mobieltje. Vervolgens ga ik de kelder in, een krappe drie kwartier sporten en de kinderen sleeën zich ondertussen suf. Na de middag gaat man even naar z’n moeder, maak ik brood voor de kinderen en in no time zijn ze alwéér buiten. Ik doe wat huishoudelijke onzin (ja sorry, ook ik ben tenslotte maar een huishoudsloof, een nietszeggend en bij tijden vervelend mens en een slaaf van de alledaagsheid als je alle sjuu en tierelantuten even weg rekent. In de trant van “zelfs de koningin laat wel eens een scheet” enzo).

winterimpressionen

Ik tref eerste voorbereidingen voor het avondeten (zoete kip – “kip in ’t pannetje” heet dat – met sperzieboontjes en wilde rijst) en zie ineens de buurman voor het keukenraam voorbijstampen. Hij kijkt me triomfantelijk aan en dan zie ik ook al waarom: hij heeft mijn én zijn kinderen (5 stuks in totaal dus) zover gekregen dat ze in ganzenmars, met rooie koppen en breed grijnzend, achter hem aan stampen. Zo marcheren ze met veel kabaal drie keer rond ’t huis en dan zijn ze weer verdwenen. Toch fijn, zo’n bevestiging dat wij daadwerkelijk goed in dit buurtschap passen: ze zijn net zo gestoord als wij. Opluchting alom.

Om een uur of 5 komen de kinderen naar binnen donderen, volledig in het wit en ijskkkkoud. M’n gang is nu zeiknat but so what. Even een mok warme chocolademelk voor ze maken. Ook man is tegen half 6 thuis en we vallen aan op het zaterdagse avondeten. Het gaat schoon op. De kinderen zitten nu op de bank, zoon met m’n iPhone (mag hij hebben, rotding), dochter met haar mode-designer-kleuralbum. Man is boven, probeert z’n ouwe nieuwe boxen uit. “So far away from me” van de Dire Straits schalt kneiterhard door het hele huis. Heerlijk.

Zo meteen, als we allemaal klaar zijn met de electronische prut, gaan we zaterdagavond vieren. Dat heb ik sinds kort zo ingevoerd, om een beetje meer familiegevoel te kweken. Niet dat we dat niet hebben hoor, maar ik herinner me het van vroeger, die zaterdagavonden. Gezellig bij elkaar zitten, iets op TV kijken (de Weekendkwis of de RonBrandstederShow of weet ik veel wat) en een spelletje doen. Drinken en wat chips erbij en familie voelen. Ik wil dat mijn kinderen dat ook een beetje kunnen ervaren en daarom heb ik nu persoonlijk de zaterdagavond tot familieavond gebombardeerd. We gaan zometeen sjoelen, op wens van de kinderen. Joepiedepoepie 🙂 Ik ga ervan uit dat het volgende week een potje Monopoly wordt. Daar kan ik me dan nog een week lang psychisch op voorbereiden. Blikje Fanta (de traktatie ten top voor de onzen) en Pombär- of paprikachips en ze zijn helemaal happy. Alleen die Fred Oster, die ontbreekt een beetje. Maar dat zullen we vast ook wel overleven.

Als de kinderen straks om een uur of half 10 in bed ploffen, gaan wij hoogstwaarschijnlijk nog even naar onze (eveneens prettig gestoorde) buren om een potje darts te spelen. Altijd goed voor een hoop lol. Kortom, de zaterdag is er eentje. Een zaterdag zoals-ie moet zijn.

Als ik nou ook nog wist, dat iedereen die me lief is, óók gelukkig is, was het een echt perfecte zaterdag.
Maar dát is-ie dus helaas niet…